Il freddo di gennaio
posted by Katrien on 2010-01-25 17:18:20
 
Met uitzondering van de drie nachten alleen thuis tijdens de Kerst, was ik de twee weken rond Nieuwjaar constant samen thuis geweest met mijn Poolse huisgenootje Ola (Aleksandra) en haar bezoekende, slechts Pools sprekende moeder. In die eerste paar koude paar dagen van januari bracht ik veel tijd met hen door in de keuken van ons appartement. Omdat ik me minder goed kon concentreren in mijn lege koude kamer, prefereerde ik het mijn paper, de herkansing van het gefaalde vak van december, in de warme gezellige keuken te maken. Ieder half uur, helaas, kwam het voor dat Ola en haar moeder in een Poolse discussie uitbarstten zodat ik me diende terug te trekken in de badkamer. Door de grote hoeveelheid thee die ik als gevolg van mijn uren aan denkwerk voor mijn laptop naar binnen goot, kwam dat echter goed uit met mijn toiletritme. Op de derde januari, vroeg in de ochtend, bracht Ola haar moeder naar het vliegveld van Forlì voor haar terugreis om dezelfde dag met haar Italiaanse vriend Nicola weer thuis te komen. Italiaanse liefkozingen kwamen in de plaats van Poolse discussies, wat samen met de interessante gesprekken met de hyper intelligente Nicola mijn paper ten goede kwam. Al direct de volgende dag hielp hij me met de Italiaanse vertaling van mijn zelf geschreven Engelse psychoanalyse van de film ‘The dreamers’. Ondanks bijzonder ongelukkige vertalingen van Google Translate, zoals ‘gli orologi’ voor ‘he watches’, die ons gedrieën deden schuddebuiken van het lachen, kon ik in korte tijd een nieuwe taak van mijn agendalijstje afvinken.

Drie dagen en twee studieboeken later kon ik alweer uitkijken naar het tweede bezoek van Bart in Bologna. Om 8:00 uur in de ochtend stapte ik op een trein in het winterkoude Bologna om drie uur later in een zonnige en warm Pisa uit te komen. Het verschil? Een brede sneeuwwerende bergenrij genaamd de Apennijnen. Een half uur keek ik ongeduldig uit naar treinen afkomstig van het vliegveld en drie glimlachende Nederlandse studenten, Bart, zijn broer Tijmen en hun nichtje Micky. Toen mij eindelijk een telefoontje bereikte met de boodschap dat ik voor niets een half uur had staan wachten, liep ik Bart lichtelijk gepikeerd tegemoet, wat resulteerde in een oncharmant filmpje op Bart’s camera van een romantisch weerzien in zonlicht en een gigantische anticlimax.
Die middag ondervonden we hoe Pisa weinig meer te bieden heeft behalve zon, koffie, een scheve toren en een schitterende kathedraal, waarop we besloten voor mijn inmiddels vierde keer dit halve jaar Firenze te bezoeken. Tijmen en ik haalde herinneringen op aan ons reisje in oktober en Bart keek zijn ogen uit, vooral over het feit dat zijn nieuwste videogame ‘Assassin’s creed 2’ de stad tot in detail nagebootst had. De vaste hotspots en een geweldige pizza calzone verder, lieten Bart en ik Tijmen en Micky achter bij hun hotel en namen wij de trein naar wederom koude Bologna.
Tot zijn vertrek drie dagen later alweer stonden er twee cruciale dingen op het programma, genieten van elkaars aanwezigheid en het beklimmen van de 97,2 meter hoge Asinelli, de niet-scheve van de twee torens. Daarnaast ontmoette hij opnieuw mijn Bolognese ‘studie’genoten en kon ik Bart alweer wat nieuwe drink- en eetplekjes laten zien als de eerste keer dat hij mij bezocht. De zaterdagavond kwamen Tijmen en Micky op bezoek in Bologna en kon ik hen met eigen hand bewijzen dat Asinelli’s scheve broertje Garisenda niet alleen hoger maar ook schever was dan die onterecht beroemde toren van Pisa, hoewel niemand me nog steeds gelooft.

Toen ik Bart de volgende avond op de trein terug naar Pisa Airport zette, voelde ik me, door het vooruitzicht van mijn terugkeer naar Amsterdam drie weken in de toekomst, minder ongelukkig dan een maand ervoor. Desondanks keerde ik terug naar een wederom lege kamer en een studielast van drie Italiaanse boeken, te bestuderen voor het examen de volgende dag. Gelukkig níet voordat ik van een warm kopje thee in het gezelschap van mijn Mamma Ola genoten had.

 
0 reactie(s)

Due mille dieci
posted by Katrien on 2010-01-21 10:52:59
 
Met ieder een biertje voor onze neus en onze rugzakken onder de tafel zaten Joran en ik enkele minuten na middernacht op 31 december 2009 tegenover elkaar in Arteria. De decembermaand was voorbij gevlogen en mijn allerlaatste maand in Bologna stond op het punt van start te gaan. Allereerst echter, zouden we het eerste decennium van het nieuwe millennium spetterend afsluiten met een Romeins avontuur, ‘pazzo’ benoemd door mijn huisgenootje Aleksandra, die af en toe fungeert als mijn tweede moeder. Rond half twee ’s nachts hezen we onszelf uit onze stoelen en wandelden we al discussiërend over het zoveelste sociologische onderwerp richting het treinstation. Bij het betreden van onze wagon en het zien van de snurkende, hoewel gelukkig niet onguur uitziende, medepassagiers wisten we dat het een lange dag zou worden. Vijf en een half uur en twintig bijzondere slaapposes van Joran verder, reed onze trein Roma Tiburtana binnen, en stonden we plots in hartje Rome.

De zon kwam alweer op terwijl ik de palmbomen boven mijn hoofd uit zag torenen en ik mijn jas met een tevreden glimlach uittrok. We namen een koffie en een pasta (zoet broodje) om onze brakheid van de treinreis te bestrijden en liepen allereerst richting de Trevi fontein. Het normaal overbevolkte plein was nog leeg terwijl een gemeentewerker letterlijk de kraan van de fontein opendraaide. Joran en ik keken op onze telefoonschermpjes: 8:00 uur in de ochtend… We wandelden rustig door, met een lange wellicht slopende dag in het vooruitzicht, naar de Spaanse trappen, waar we, inmiddels 9:00 uur, een ijsje kochten en op de trappen plaatsnamen om Amerikanen te spotten. Terwijl het ijs langs mijn hand omlaag drupte, poseerde ik zoals Audrey Hepburn in haar filmdoorbraak Roman Holiday, met een ijsje zittend op de treden en genietend van de zon. Gregory Peck was helaas het enige dat er nog aan ontbrak. We druppelden verder naar het Vaticaan en Piazza San Pietro waar we een volgende lange pauze namen en ons installeerden midden op het plein tegen een hek, badend in het licht van de twintig graden warme zon. Trots constateerde Joran hoe de enorme kerstboom op het plein van Waalse makelij bleek en vierden we om 12:00 uur het Australische Nieuwjaar.

Na een lunch, een uitgebreide wandeling door het Foro Romano waarbij we ons best deden in vijf verschillende talen te communiceren en grapten over het bezitten van de ruïnes als woonplek, ontmoetten we Ingrid en een Russische vriendin en Nederlandse vriend van haar onder het Colosseo, waar de repetities voor het grote feest van die avond al begonnen waren. Zodra we met zijn vijven de bus instapten om ons in het huis van de Russische Valeria op te frissen, ging de zon voor de laatste maal onder in 2009, gevolgd door een fikse regenbui die pas rond middernacht zou stoppen. Wachtend op het einde van de tikkende druppels tegen het raam aten we een maaltijd en openden we de eerste flessen prosecco. Om 23:15 was ons geduld opgeraakt en stormden we vol blijdschap naar buiten de regen in. Daar op straat, in de buitenwijken van Rome, knuffelden we elkaar enthousiast het nieuwe jaar in, gevolgd door een spannende tocht een parkeergarage op, achtervolgd door diens bewaker en een peperdure taxirit naar een club in het centrum waar we de rest van de nacht doorbrachten.

In mijn glitterend blauwe maglietta, die ik speciaal voor de gelegenheid met Merlijn en Taco aangeschaft had, beleefde ik een nacht om nooit te vergeten. Echter, tot het moment dat de klok half vier sloeg en ik me als assepoester haastte om Joran in het feestgedruis terug te vinden. Aan zijn mouw sleepte ik hem naar buiten een taxi in, terug naar Roma Tiburtana. De volgende ochtend 8:00 uur werd ik wakker op het station van Bologna. De stad was nog steeds uitgestorven, hoewel de nieuwjaarswensen van vreemden in de bus me een warm gevoel van binnen gaven. Hetgeen waar ik echter de grootste behoefte aan had op dat moment, was mijn bed…

 
0 reactie(s)

Buone feste
posted by Katrien on 2010-01-12 17:19:20
 
Alsof we nog de enige overgebleven buitenlandse studenten in Bologna waren, spendeerden Ingrid, Joran en ik de zondag voor Kerst op mijn luchtbed voor mijn inmiddels zesde keer La Meglio Gioventù. Terwijl Joran, die het in tegenstelling tot ons voor de eerste keer zag, geboeid naar mijn laptop staarde, en Ingrid een nieuwe lading glühwein brouwde in de keuken, kreeg ik allereerst telefoon van mijn moeder. Nederland lag, net als Italië, plat door de sneeuw, en Weeze Airport zou de rest van de dag gesloten blijven. Teleurgesteld keek ik op de klok: nog enkele uren voor de vlucht van Annelieke, mijn zesde gast dit halve jaar, naar Bologna. Een uur later, net voor het einde van het eerste deel van de film, kreeg ik een nieuw telefoontje, ditmaal van Annelieke zelf, met het definitieve bericht dat ze niet zou kunnen komen. Dankzij een nieuw glas warme kruidige wijn en een zoveelste afscheidsmaaltijd die avond kon ik me uiteindelijk bij de situatie neerleggen. Tegen de krachten van de natuur is de mens nou eenmaal niet opgewassen, al helemaal de Italiaanse maatschappij niet.

Hoewel de situatie de dagen erna alleen maar zou verergeren, tot massale overstromingen en chaos in Milaan aan toe, bleven Merlijn en Taco, die de Kerst bij me in Italië zouden doorbrengen, er erg positief onder. Zo stuurden we regelmatig mailtjes naar elkaar met verzoekjes om boeken en stroopwafels en vooral de kritische vraag welk paar (berg)schoenen mee te nemen. Gelukkig klaarde het weer op, steeg de temperatuur tot boven de nul, en stonden ze, veilig en zonder vertraging, de 23ste december voor mijn neus onder de gezellig verlichte twee torens.
Die volgende dag wandelden we door Bologna, plotseling een verlaten stad door de weggetrokken studenten. Gelukkig, ondanks dat de meeste van mijn favoriete plekjes gesloten waren, bleef de stad gezellig en de moeite waard voor mijn twee gasten. ’s Avonds namen we plaats in één van de weinige geopende cafés van Via Zamboni voor een cocktail en aperitivo-hapjes. Op een ietwat pontificale wijze plaatste ik mijn laptop op tafel en meldde ik me aan op skype. Binnen enkele minuten hadden we contact met de rest van de familie, toostend met cocktails en de door mij opgestuurde Baci (Perugiaanse chocolaatjes) op de moderne technische mogelijkheden en het bijzondere nieuws van Machiel en Sanne. In de hotelkamer van Merlijn en Taco, waar ik die nacht sliep in verband met ongename eenzaamheid in mijn kamer, gingen we door. We zongen, over een afstand van 2 duizend kilometer, een hitparade aan kinderliedjes en bekeken een uitgebreide kerststalshow van Machiel. Terwijl ik de situatie overzag en mijn familie zag dansen en zingen aan de andere kant van Europa, begreep ik dat afstand er tegenwoordig niet meer toe doet, kerstgezelligheid kan op allerlei manieren compleet zijn.

Op Eerste Kerstdag kreeg ik het dankzij mijn gasten voor elkaar nóg meer nieuwe plekken in Bologna te ontdekken, zoals een goed verstopte pittoreske winkelgalerij en eindelijk de binnenkant van de ‘sette chiese’ op Piazza San Vitale. ’s Avonds genoten we van een perfect klaargemaakte kerstlasagne en een heftig smakelijke tiramisutaart in mijn lege appartementje.
Als échte Nederlandse ramptoeristen planden we een dagreisje naar Venetië de volgende dag, waar het beruchte hoge water echter speciaal voor de feestdagen tot normale hoogte gezakt bleek te zijn. Desondanks genoten we van de beroemde plekjes van de zinkende stad: Piazza San Marco, de Rialto-brug en boven alles een heerlijke door mamma Rietje mede mogelijk gemaakte lunch in een wellicht normaal voor ons te duur specialiteitenrestaurantje. Enige honderden meters van de deur, op weg naar Piazza San Marco gebeurde vervolgens het onvermijdelijke, waar Merlijn me al meerdere malen die week voor gewaarschuwd had. Eén fatale stap, waarbij mijn zool dubbel klapte, betekende het officiële einde van mijn in Bolognese kringen beroemde bruine laarsjes en het begin van een, helaas suède, enigszins identiek nieuw zwarte paar.

Bij terugkomst in Bologna was de sneeuw compleet gesmolten en sloten Merlijn en Taco met meerdere slices verrukkelijke pizza van het zaakje onder de twee torens hun buone feste in Bologna af.

 
0 reactie(s)

La fine di un'epoca
posted by Katrien on 2010-01-01 21:40:47
 
Daar zaten we dan, Ingrid en ik, met trillende benen van de zenuwen achterin de zaal, te wachten op het moment van de waarheid, ons mondeling examen Forme della narrazione, over de Italiaanse politieke film in de jaren ’60 en ‘70. Onze docent, Claudio Bisoni, had ons nooit een gevoel van geruststelling geboden. Hij praat snel en veel, lachte een vriendin uit in haar gezicht na haar verzoek om een collegebegeleidende powerpointpresentatie en heeft een reputatie geen fan te zijn van buitenlandse studenten in zijn lessen. ‘Wie zijn er nog aanwezig voor het examen ‘Forme della narrazione?’ klonk een stem vanachter het bureau helemaal voorin het lokaal. ‘Aaah, de Erasmus meisjes!’ klonk vervolgens toen Ingrid en ik aarzelend onze hand opstaken, gevolgd door een lichte grijns en een vinger die me aangaf naar voren te komen. Met hartkloppingen tot in mijn keel nam ik naast hem plaats en keek ik kort de zaal in. Een universitair examen in Italië: tien minuutjes kletsen met je docent (óf zijn assistent), voor het oog van 30 kletsend wachtende studenten, terwijl de docent om het half uur zijn telefoon opneemt voor een gesprekje met zijn vrouw of een vriend, jouw handgebarend vooral door te praten. ‘Waarover wil je praten?’ Vol verbazing keek ik hem aan. ‘Wacht, ken je überhaupt deze Italiaans historische periode?’ ging hij verder. ‘Ja… Ik heb het boek op de literatuurlijst bestudeerd.’ ‘Oh, heb je dat gelezen, bravo.’ Mijn verbazing groeide, terwijl ik stamelend van de zenuwen over mijn favoriete onderwerp begon, waarop hij me na vijf minuten onderbrak: ‘Heb je ook één van de films gezien?’ ‘Ja’, antwoordde ik, ‘allemaal…’ ‘Oh. Bravo.’ Hij schoof mij het cijferblad met mijn behaalde resultaat toe, een 27/30, een 9 volgens de Nederlandse cijferindicatie. ‘Grazie’ was het enige dat ik uit mijn mond kon krijgen, terwijl ik mijn tas oppakte en nog steeds verward om de gehele gang van zaken terug naar Ingrid liep. Haar kon ik inmiddels geruststelling bieden, een Erasmus student die een redelijk verhaal in het Italiaans kan opbrengen, heeft in Italië al een enorme prestatie geleverd.

Diezelfde middag ontving ik nog een 30/30 voor een ander vak, zodat het tijd was geworden voor een biertje in studentencafé La Scuderia waar Ingrid en ik toostten op, zoals wij het zagen, de afsluiting van een periode. December liep alweer tegen het einde, Bologna hing vol kerstverlichting en de eerste uitnodigingen voor afscheidsfeestjes kwamen binnen. Raquel, een Amerikaanse vriendin van vlakbij New York, keerde definitief terug naar huis voor de Kerst, net zoals Julianne, een Canadese ingenieur die haar stage in Italië succesvol had afgerond. Karam, een Britse Sikh, reisde door naar de volgende stad in zijn programma, Hamburg, na eerst zijn familie in Engeland bezocht te hebben voor de Kerst. Anderen, waaronder Maja, Jernej, Katharina, Corinna en mijn huisgenootjes Nathalie en Alexandra verlieten Bologna voor ten minste twee weken om bij hun familie en geliefden te zijn tijdens de feestdagen.
Eerst echter, dienden we onze laatste dagen samen in 2009 te vieren met een grootse aperitivo, dit keer niet in Café Zamboni of Bounty, maar bij Jernej, Joran en Karam thuis. Hard werkten we enkele uren tezamen aan een eigen inbreng, zo prepareerde Joran een typisch Luikse stamppot, Karam kleine stukjes pizza en ik Hollandse pannenkoeken met kaas en appel. We smulden onze maagjes vol, terwijl we terugkeken op de maanden ervoor en genoten van Katharina’s authentieke Oostenrijkse glühwein. Op de achtergrond ondertussen dwarrelden de eerste sneeuwvlokken naar beneden, harder en sneller, tot er tegen middernacht al een dikke pak sneeuw gevormd was op de parkeerplaats onder het studentencomplex. We keken elkaar aan en lazen in elkaars ogen wat deze onverwachte weersomstandigheid voor de rest van de nacht zou betekenen: a snowballfight! Een episch gevecht volgde, Erasmus versus de groep sterk ogende Italiaanse jongens die zich gelijk met ons naar de parkeerplaats begaven, uiteindelijk in ons voordeel besloten.

De volgende ochtend werden we wakker in een wit Bologna, niet onmogelijk, maar ook zeker niet gewoonlijk voor de stad. De al onrustige Italiaanse wegen veranderden in een grote verkeerschaos, treinen reden niet tot nauwelijks voor tenminste enkele dagen en duizenden reizigers strandden op het vliegveld, waaronder het merendeel van mijn internationale vrienden. Vier dagen later zelfs, diende Joran twee nachten langer in Italië te blijven, nadat zijn vlucht geannuleerd was als gevolg van een sneeuwstorm in de Alpen. Ingesneeuwd Italië leek afgesloten te zijn van de rest van de wereld, wat mij, de dag voor de verwachte aankomst van mijn zus en haar vriend, tegelijkertijd een beangstigend als een warm kerstgevoel bezorgde.

 
1 reactie(s)

Sto soggando
posted by Katrien on 2009-12-28 00:07:29
 
Terwijl dikke tranen over mijn wangen biggelden, zette ik Bart maandag 30 november rond 11:00 uur op de bus naar het vliegveld en nam ik afscheid van hem. Op de terugweg in de bus voegde mijn lichaam daar een onherkenbare pijn in mijn borst en buik aan toe. Toen ik mijn kamerdeur opende en het leeg aantrof, ontplofte er een emotionele bom met de eerste tekenen van heimwee. De rest van de ochtend en middag leek ik mijn eigen emoties niet meer onder controle te hebben, ieder voorwerp in mijn kamer en elk woord op het web of in een boek herinnerden me aan Bart, mijn familie, vrienden, mijn kat en mijn leven in Amsterdam. Mijn huisgenootjes wisten me te troosten en diverse Bologna-vrienden overtuigden me diezelfde dag nog dat het leven in Bologna nog altijd heel gezellig en avontuurlijk was, de moeite waard om te vervolgen. Met rechte rug en na een lange warme douche plaatste ik me dus weer achter mijn bureau, met nog twee weken te gaan voor mijn eerste tentamens werd het tijd om hard aan de studie te gaan.

Allereerst was er een paper om te schrijven, een film analyse voor het vak Semiotica waarvan ik een week erna het mondelinge examen had. Drie volle dagen aan denkwerk en tien pagina’s verder, leverde ik het in, met behoefte aan wat afleiding. Gelukkig, zo herinnerde Ingrid me, was het 5 december, tijd om die internationale Bolognese studenten wat van de Nederlandse cultuur bij te brengen. Die zaterdagavond ontmoetten we elkaar bij Ingrid thuis, wiens Nederlandse visite pepernoten en marsepein had meegebracht om de Sinterklaasavond sfeer goed op gang te brengen. De avond was aardig nostalgisch voor Ingrid en mij, dobbelend om de meest bizarre goedkope cadeaus met Sinterklaasliedjes via Youtube op de achtergrond. Voor de meeste Engelsen, Amerikanen, Finnen, Duitsers en Slovenen opende een interessante wereld, hoewel de feestdag uiteindelijk ook hen aan een eigen versie van Sint Nicolaas deed denken. Ik kwam binnen met een fotolijstje, een wierooksetje en een Italiaanse studieboek over sensualiteit (waaruit nog uitgebreid werd voorgelezen) en ging weg met een koffiemaker, een suprise-ei en een espresso serviessetje. Goed resultaat!

Nóg meer afleiding deed zich voor in de vorm van een uitgebreide fotoshoot van Joran in het skatepark voor een artikel dat hij aan het schrijven was over zijn favoriete hobby. In mijn achterhoofd wist ik dat ik me met heel andere dingen diende bezig te houden, de boeken riepen me vanuit de verte. Die woensdag al, zou mijn eerste tentamen Semiotica worden afgenomen. Nog geheel onwetend over de gang van zaken, vol geruststelling van ervaren Italiaanse studenten, nam ik die 9 december plaats tegenover de assistent van mijn professor. Mijn paper bleek nét voldoende en de vragen duizelden me om de oren. Tegelijkertijd zag ik in mijn ooghoek 30 studenten kletsend toekijken hoe ik, voor mijn gevoel, geheel door de grond zakte. We spraken, noodgedwongen vanuit mijn frustratie van het moment, een herkansing af voor een maand later.

Verward en teleurgesteld over de gefaalde eerste ronde en vastberaden een week later mijn twee andere tentamens beter te doen, sloot ik me de volgende dagen op in afwisselend mijn kamer en de bibliotheek van mijn departementsgebouw met nog steeds een laptop met Facebook en MSN als grote afleiding. Ik zegde het afgesproken weekendje Milaan af, om vervolgens een nieuwe uitnodiging voor een verjaardagfeestje en een afspraak met een oude kennis van vijf jaar geleden terug te krijgen. De bekende Nederlandse studententerm, SOG, oftewel studie-ontwijkend-gedrag, kreeg voor Ingrid, mijn vaste buurvrouw in de bibliotheek, en mij een geheel nieuwe Italiaanse vertaling. ‘Sto soggando’, smsten we elkaar regelmatig, oftewel ‘ik ben níet aan het studeren’. Ach, we doen toch Erasmus…

 
0 reactie(s)

Oh, non solo mio…
posted by Katrien on 2009-12-22 14:12:44
 
Een gouden regel binnen de Erasmuswereld is: heb je een reden voor een feestje, hoe onbeduidend die ook kan zijn, dan hoor je deze uit te buiten. Helemaal klaar voor zo’n spetterend verjaardagsfeestje stapten Marah en ik die 19 november in de bus, verzadigd van een dag Bologna in de eerste kerstsfeer. Plotseling begon mijn telefonino te trillen. Jammer, de eerste afmelding… Geschrokken zag ik echter Bart’s naam staan… Er zou toch niets ergs gebeurd zijn, toch niet mijn kat Leonidas? Hij belt me anders nooit op mijn telefoon… Toen hij me een tweede keer belde, drie minuten later, nam ik maar op. “Waar is het feestje?” “Hoe bedoel je: waar is het feestje?” “Nou, ik sta voor je deur, maar ik zie niets van een feestje!” “Bart… Ben jij in Bologna…?” Tien minuten later zag ik hem inderdaad, levensecht, voor mijn voordeur staan, mijn Bart. Een beter verjaardagscadeau durf je jezelf eigenlijk niet te wensen.

Met de adrenaline nog stuivend door mijn lichaam, maakten we met ons drietjes vervolgens mijn kleine keuken klaar voor het feestje. De buren waren gewaarschuwd, de wijn en spirits waren ingeslagen; het wachten was op de gasten, die, zoals échte Italiaanse studenten, uiteraard minstens een uur te laat zouden komen. Inderdaad, rond 22:00 uur kwam men langzaam binnendruppelen, om vervolgens, op twee logés na, pas zes uur later de avond af te sluiten. Met een gelukkig gevoel bekeek ik de bende in de keuken: het was een goede verjaardag geweest.

De volgende ochtend vroeg, keerde Marah terug naar Nederland, na een week van onstuimige gezelligheid. Eenzelfde week brak vanaf dat moment aan met Bart, mijn laatste gast alweer van november, en stiekem degene naar wie ik het meest uitgekeken had. Direct de avond na het feest boekten we een goedkoop hotelletje buiten Venetië voor een romantisch weekendje dat we al op de planning hadden voor zijn bezoek. Alweer met slechts een overzichtskaartje op zak, was ons grootste doel vooral verdwaald te raken in het labyrint waar Venetië bekend om staat. Zelfs mét kaart bleek dwalen geen probleem tussen de ministeegjes en verstopte pleintjes die toch tot onze verbazing één standsplan vormden, met dank aan die honderden pittoreske bruggetjes. Terecht, met kramp in onze benen van het lopen, namen we op zondagavond voorin plaats in traghetto lijn één, die ons voerde over het prachtig bij avond verlichte grote kanaal, langs het San Marcoplein, over de inham naar de Adriatische Zee. Koud als we waren, genoten we met open mond van het uitzicht, helemaal toen een massaal cruiseschip ons bij wat leek enkele meters passeerde.

Op de terugweg in de trein, keek ik niets dan uit naar de volle week die nog voor ons lag. Ondanks studiewerk, waar we beiden druk mee waren, zouden we niets dan rustig aan doen, uitslapen, bijknuffelen, en vooral héél veel House M.D. kijken, onze nieuwe favoriete televisieserie. Middagen brachten we door in de bibliotheek van mijn faculteit, avonden zoals meestal met mijn vrienden. Van hen kregen we een interessant gerucht te horen, dat al een week door de gangen van de universiteit spookte, van een megakussengevecht dat die zaterdagmiddag Piazza Maggiore zou innemen. Wat we vervolgens die zaterdag aantroffen op het plein was als in een droom, een bijna leeg plein met in het midden een kring van 150 studenten die enthousiast op elkaar in mepten met kussens. Iedere keer dat een kussen het begaf, en honderden veertjes door de lucht heen fladderden, klonk er een gemoedzuchtige schreeuw en ging de slag verder. Twee uur later was Piazza Maggiore bedekt met een dikke laag dons en veren, en besloot de menigte moe en voldaan terug te keren naar waar men vandaan kwam, met de overblijfselen van hun slaapgoed over de schouder.

Die avond ontmoetten we elkaar op een feestje in het studentencomplex buiten de stad, om ervaringen van de slag uit te wisselen. Daarnaast vonden Jernej en Bart die avond een zogenaamde common interest bij elkaar: snelle auto’s. Zodoende zagen we elkaar de volgende dag weer op het station van Bologna om af te reizen naar Maranello en la terra di motori, oftewel de Ferrari stad! Lichtelijk teleurgesteld door het matige busnetwerk naar de stad, en het miezerige weer, bezochten we het Ferrari museum. Wat ik binnen aantrof was een ruimte met een aantal van de mooiste en snelste auto’s die ik ooit gezien had. Op de gezichten van Jernej en Bart was meer af te lezen, pure gelukzaligheid, alsof ze een paleis waren binnengestapt waar de mooiste schatten en autoprachtstukken van de wereld in werden bewaard. Deze glimlach maakte zowel mijn als hun dag compleet, ondanks dat er naast een Ferrariwinkel of fabriek op iedere hoek van de straat verder niets te beleven was in het kleine Maranello.

Toen de avond officieel aangebroken was die dag, en we de bus terugnamen om met mijn Poolse vrienden St. Andrews dag te vieren, ontstond er een naar gevoel in mijn buik. Alweer de laatste avond met Bart was aangebroken, voorlopig de laatste voor twee volle maanden. De toekomst die we uit het gesmolten wax haalden die avond, een Poolse traditie op deze feestdag, voorspelde gelukkig veel goeds; een treinreis en een groot huis, hopelijk voor ons samen?

 
0 reactie(s)

Il mio compleanno
posted by Katrien on 2009-12-17 01:14:22
 
Ieder jaar heeft november weer diezelfde grijze uitstraling: kale naargeestige bomen, haastige mensen scheefgebogen van de kou en lege somberestraten. Ondanks de status van tussenmaand, tussen die laatste fijne zonnestralen en de feestdagen in, ben ik ieder jaar weer ontzettend in mijn sas als de maand november aanbreekt. Niet minder dan 18 dagen later vier ik namelijk, zoals ook ieder jaar weer, mijn verjaardag.

Hoewel de stad lang de schijn van het tegendeel op hield, landden Marah en ik in een ietwat ander Bologna dan ze wellicht gedacht had: koud. Ach ja, koud… 14 graden. Ik was voor anderhalve dag teruggekeerd in Nederland om de promotie van mijn broer Machiel mee te maken op 11 november. Heen en weer gegooid van land naar land en stad naar stad, desondanks absoluut de moeite waard, een korte hereniging met familie, een ceremonie waar je als kleinste zus niets anders dan beretrots op kunt wezen en een knetterend feest achteraf. Lichte excuses voor Marah dus, toen ik haar lichtelijk katerig en gestrest de volgende dag ontmoette voor de deur van luchthaven Weeze. Ondanks onze angst het vliegtuig met de minuut gemist te hebben en de rampscenario’s tijdens de vlucht, kwamen we vrijdagochtend veilig en klaar voor een nieuwe week aan belevenissen aan in Bologna.

De eerste twee dagen spendeerden we aan studiewerk en Marah’s veelbelovende bachelorscriptie, waarvan de eerste versie die maandagnacht verwacht werd door haar begeleider. Daarnaast bezochten we de wekelijkse kledingmarkt van Bologna, met schoenen voor slechts drie euro, en ontdekten we een geweldig nieuw cafeetje met die zaterdagavond tangomuziek en bijzonder smakende cocktails met mijn Erasmusclubje. Verrast als altijd door mijn vermakelijke gasten uit Nederland, werden we de volgende dag door hen uitgenodigd voor een uitje naar Ferrara, een klein middeleeuws stadje liggend in de schaduw van Bologna, slechts een half uur treinen verder. Naast een door ons omgedoopte proefmarkt, waar we minstens een uur spendeerden om zoveel mogelijk verschillende kazen, wijn, jam en grappa te proeven, was er niet veel bijzonders in de stad te zien. Het verrukkelijkste hoogtepunt van de dag werd zo een pittoresk restaurantje in het best bewaarde geheim van Ferrara: het middeleeuwse steegje de Via delle Volte. Terwijl we onze ogen uitkeken naar de muren van het restaurant, iedere plek gevuld met een schilderij of tekening, kregen we de meest bijzondere lokale gerechten geserveerd.

In Ferrara leerden Marah en ik Martin kennen, een gast van mijn Amerikaanse vriend Ben, die tijdens zijn allereerste reis buiten de VS enthousiast was over werkelijk álles dat te beleven viel in Bologna en omstreken. Hij reageerde dan ook met een voluit ja op onze uitnodiging met ons mee te gaan naar Firenze die volgende woensdag, mijn inmiddels derde keer dit halve jaar. De belangrijkste reden voor onze reis naar Firenze was een kunstwerk dat nog geen maand ervoor op Marah’s rug was geplaatst, de geboorte van Venus van Boticelli. Naast de grote cultuuruitwisseling tussen Italië, de VS en Nederland was een van de meest besproken onderwerpen dan ook hoe we een foto van Marah’s rug mét het schilderij voor elkaar zouden krijgen onder de priemende ogen van de Uffizi beveiliging. Na diverse strenge waarschuwingen en diverse Boticelli-boekjes, kaarten en koelkastmagneten vluchtten we de Uffizi uit naar de Ponte Vecchio. Firenze in één dag, ik begin er langzaam een expert in te worden…

Diezelfde avond nog waren we nog door Martin uitgenodigd voor een native-American dinertje, in het huis van Ben, samen met de vaste Erasmus-gang. Rond 23:00 uur richtten diverse blik mijn kant op. Het was inderdaad laat op 17 november, slechts een uur verwijderd van mijn 22ste verjaardag, maar wat was het plan? Met een select groepje vertrokken we naar Arteria, dé alternatieve culturele club van Bologna, gezeten in een kelder, met die nacht live jazz-muziek. Tot diep in de nacht dansten we, met een redelijk extravagante fotosessie op Marah’s camera als resultaat. De avond voelde nog jong om 4:00 uur, de reden dat Marah, ik en mijn zogenoemde ‘best Erasmus friend’ Joran nog vertrokken naar het enige nog levende café in de stad om dat tijdstip; een communistische samenkomst van gezelligheidsdrinkers voor wie de rode deur alleen schijnt te worden geopend als je een goede reden voor een laat feestje hebt.

De rest van mijn verjaardag bracht ik vervolgens onder de dekens door, in mijn kamer, met thee, pizza, een vermakelijke film en boven alles een goede vriendin om verhalen mee te delen. Buiten werd de wereld in een grijze novembermist gehuld, binnen beleefde ik de meest relaxte en hierom bijzondere verjaardag ooit.

 
1 reactie(s)

Cioccolata calda senza panna
posted by Katrien on 2009-12-07 16:03:17
 
Na twee dagen terug te zijn gegooid in het broeiende Erasmus leven van zwevende collegestof, aperitivo en de eerste tekenen van studiestress, stond mijn volgende Nederlandse gast alweer voor de deur. Het strak geplande bezoekschema hield me, zoals ik al eerder zei, goed in het gareel. Vanwege het nogal chaotische Bolognese buslijnnet stond Wieneke me echter niet voor mijn deur, maar op het even chaotische Ugo Bassi op te wachten. Na in de omgeving naar haar voor mij bekende groene jas te hebben omgekeken, keek ik rustig op mijn telefoon voor nadere berichtgeving. Toen ik vervolgens een redelijk stevige hand op mijn schouder voelde wist ik allereerst zeker mijn geld en paspoort definitief verloren te hebben. De realiteit, een breed glimlachende Wieneke, was gelukkig vele malen beter.

We overkwamen mijn schrik met een geweldige maaltijd in een door locals getipte pizzeria genaamd Regina Margherita. Wieneke’s ‘Primavera’, een pizzabodem belegd met tomaat, rucola, verse mozzarella en schaafsels Parmezaanse kaas, maakte haar helemaal klaar voor haar Italiaanse avontuur. We wisten direct dat we daar nog wel een keer vaker zouden eten die week.
Het eerste dat me vervolgens opviel terwijl ik arm en arm met Wieneke verder paradeerde door Bologna’s pittoreske straatjes, was hoe haar blik op de stad weer afweek van die van Lieneke en mij. Waar ik veel naar de diversiteit in mensen kijk, en Lieneke naar de algemene atmosfeer, was Wieneke gefascineerd door Bologna’s architectuur; de vele verschillende stijlen en kleuren van de gebouwen. Ook met haar was rondlopen door het centrum al genoeg om van haar verblijf een belevenis te maken.

Ik nam Wieneke mee langs een enigszins voorbereide tour van Bologna, we aten een ijsje bij Gelateria Gianni, het beste ijs van Bologna en we genoten van aperitivo in Café Zamboni, waar heel studerend Bologna iedere avond lijkt samen te komen om voor slechts zeven euro een cocktail en een uitgebreid buffet aan Italiaanse hapjes te verorberen. Later in de avond bezochten we de leukste alternatieve club van Bologna, Arteria, met op die vrijdagavond helaas een redelijk bizarre act met een schreeuwende zangeres, of een feestje bij iemand thuis, zoals op donderdagavond een Britse avond met sandwiches en punch bij de zogenaamde Engelse meiden. Niets van dit kon echter de nieuw ontdekte overheerlijke ‘cioccolata calda’ van studentencafé Scuderia toppen, waar we, met ons studiewerk voor ons op de tafel, Jazz op de achtergrond en het eerste koude winterweer buiten de deur, niets anders dan met grote teugen van konden genieten. Zonder slagroom, dat wel, want die was op.

Brak en moe van de avonden ervoor stonden we zaterdagochtend om zes uur op voor een dagje uit in Milaan. Want, zo beredeneerden wij, als het slechts een paar uur reizen is, waarom niet? Drie uur later liepen we, nóg brakker van de slopende treinreis, langs een grote hoofdweg van het centraal station richting de Dom. Lichte teleurstelling overkwam ons door de koude industriële entree van Milaan, aangezien wij een bruisende energieke stad van mode en kunst hadden verwacht. Geheel zonder voorbereiding slenterden we vervolgens uren door de stad, met slechts een overzichtkaartje, opgepikt op het station, dat ons de weg wees. Bovenop de Dom genoten we van het voorzichtige novemberzonnetje en de al besneeuwde Alpentoppen in de verte, maar bovenal elkaars gezelschap. Nadat regendruppels ons vervolgens een klein Modigliani museum instuurden, concludeerden we dat Milaan een stad is om naar terug te keren met zonnig zomerweer. Wieneke en mij deerde dit echter niet, na vier dagen gezelligheid, waren we tevreden met de kansen die Italië ons gegeven had om helemaal bij te kletsen.

 
1 reactie(s)

Novembre, la prima parte
posted by Bart on 2009-11-30 20:41:24
 
Time flies by when you’re having fun, dat gold vooral in die maand oktober. Toch kon ik halverwege oktober niet wachten tot november aan zou breken, de feestmaand van mijn verjaardag en de maand van het vele bezoek. Geheel toevallig, maar fantastisch gepland, bedachten vier van mijn dierbare vrienden mij en Bologna te bezoeken in de, wat betreft de universitaire wereld, fameuze novembermaand van toetsen en vrije tijd. Lieneke had tussen oktober en november een aantal weken de tijd om voor haar tentamens te leren, Wieneke kon wat schuiven met dank aan haar professoren en Marah zou eindelijk vakantie krijgen na het inleveren van een eerste versie van haar bachelorpaper. Bart was eind november de enige zónder vakantie, maar hij zou geen nieuwe media studeren als hij met behulp van Skype daar geen oplossing voor had gevonden. Al met al, een drukke maand, erg toeristisch, géén tijd om te studeren noch om te schrijven voor dit blog…

Terwijl het Bolognese voetbalelftal Siena met 2 – 1 versloeg, wat een massieve opstopping betekende op de route van mijn bus 14, kwam Lieneke 28 oktober aan op Ugo Bassi, de hoofdstraat van het Bolognese centrum. Bepakt en bezakt met mijn geliefde stroopwafels vertelde ze me op de weg terug naar mijn huis over haar gecompliceerde reis naar Weeze Airport toen zij, zoals velen voor haar, zich op het vliegveld van Düsseldorf realiseerde dat haar vliegtuig in werkelijkheid 60 kilometer daar vandaan op zou stijgen, gelukkig met nog genoeg reistijd te gaan. We keken elkaar lachend in de ogen en begrepen; wij hebben rust nodig.
Rust die we dan ook namen in de vier dagen van haar verblijf. De meditatie en yoga-oefeningen in mijn kamer iedere ochtend, gaven mij de tijd mijn Facebook-account bij te werken en te genieten van de stilte in mijn kamer. Vervolgens slenterden we middagen door de stad, waarbij Lieneke’s verwondering over de goede (atmo)sfeer van Bologna, mij de stad nog beter deed appreciëren. Het Halloween-feest van vrijdagavond, tevens het verjaardagsfeestje van Jernej, zal zonder twijfel de boeken ingaan als het hoogtepunt van Lieneke’s ervaringen aan mijn Erasmus-avontuur, ondanks dat zij de volgende ochtend mij de helft van de avond moest helpen herinneren en we het geplande Firenze-uitje lieten schieten voor een extra dosis riposa . Verkleed als elfje en een net zo onschuldige Marlene Dietrich waren we lang niet zo eng als Joran's Axl Rose en diverse aanwezige vampiers en duivels, echter maakten nieuwe Erasmus-kennissen, diverse wijntjes en een ongelukkig voorval met een kussen van het feestje één van de meest legendarische avonden van dit halfjaar.

Na nog wat te hebben rondgedwaald, nam Lieneke op zondag vanaf hetzelfde Ugo Bassi weer de Aerobus naar het gelukkig niet te verwarren vliegveld van Bologna.
De tussenweek van Lieneke werd besloten met een snoepreisje Bologna, ik maakte me klaar voor mijn volgende logee.

 
0 reactie(s)

Romeo, oh Romeo...
posted by Bart on 2009-11-02 00:23:44
 
Eerlijk gezegd, ondanks de redelijk zware colleges en het vele lees- en leerwerk dat nog in het vooruitzicht ligt, voelt mijn hele Bologna avontuur tot nu toe nog als één grote vakantie. Maar wat wil je ook als je ieder weekend een nieuwe kans krijgt Italië te ontdekken? Voor het eenherlaatste weekend van oktober kregen mijn Nederlandse vriendin Ingrid en ik een spontane uitnodiging van onze Italiaanse collegegenoot Diego om hem op te komen zoeken in zijn hometown Verona. Een geheel verzorgde rondleiding, slaapplek én een maaltijd in de oudste óf de beste pizzeria van Verona, toevallig beiden een familiebedrijf. Wij begrepen al snel, daar zeg je geen nee tegen.

Sterker nog, na enkele uren te hebben rondgewandeld door de stad, leek het Diego een goed plan uit te rusten in de beste osteria (wijncafé) van de stad. Hij had niet overdreven. De wijn dronk als de beste ooit tevoren en bij het zien van de toegevoegde versnaperingen, droop ons het water uit de mond. Na anderhalf uur wijn, Italiaanse lekkernijen en hieruit voortkomende goede gesprekken, bekeken we met ongeloof de rekening: een tientje pp. “Oh ja,” meende Diego, “mijn neef werkt hier, ik krijg meestal alles voor een familieprijsje.”
Opnieuw bleek Diego het bij het rechte eind te hebben wat betreft de Italiaanse gastvrijheid en familieliefde. De rest van het weekend bleven we familieleden en vrienden van hem tegenkomen in bars, restaurants en osteria’s, het waren er naar zijn mening in totaal wel 60 (!). Geen van hen accepteerden onze Euro’s, hoe hard we het ook probeerden. Onder familie wordt er in Italië namelijk níet over geld gesproken. Een ietwat lastige les voor ons nuchtere Nederlanders om te leren.

Hoe duur of goedkoop het weekend uiteindelijk ook voor ons was, Verona was een onverwachte bloedmooie verrassing. Rome in het klein, zoals het terecht ook wel genoemd wordt. De stad heeft tenslotte ook een colosseum, een burcht aan een rivier, diverse grootse kerken en een rijke geschiedenis, daarbij toegevoegd een blik op de eerste Alpen en het grootste liefdesverhaal ooit: Romeo & Juliet. Hoewel het beroemde balkonnetje een behoorlijk toeristisch uitgemolken neppe is, aangezien schrijver Shakespeare Verona niet eens ooit bezocht heeft, is vooral de toegangspoort naar het binnenplaatsje ontzettend bijzonder. Mensen over de gehele wereld vragen Juliet om liefdesadvies en geliefden plaatsen er hun eerbetoon.
Tenslotte was onze gids Diego het uiteindelijk gouden randje aan het gehele weekend, met zijn kennis van ieder hoekje van elke straat, zijn oneindige gastvrijheid tot aan de trein terug toe… en niet te vergeten zijn uitgebreide linkse gedachtegoed die hij niet vreesde de gehele dag door aan ons te uiten.

For never was a story of more woe, than this of Juliet and her Romeo.

 
0 reactie(s)

Vacanze Fiorentine
posted by Bart on 2009-11-01 12:45:29
 
Als in een film, communicerend met mobiele telefoon in de hand, liepen we elkaar tegemoet op het centraal station van Bologna. Langzaam bewoog de drukke menigte zich uit elkaar en daar stond hij, schuin van de zware tas op zijn rug, Tijmen…

Hoewel Tijmen, (officieel mijn zwager, tegelijkertijd meer een vriend) na mijn moeder, de tweede Nederlandse visite was die ik ontving in Bologna, was hij de eerste om daadwerkelijk ook het bruisende Erasmus leven te aanschouwen. Inmiddels had ik een aardige vriendengroep opgebouwd met wie ik dagelijks dingen ondernam, en ook de stad was bekender voor mij geworden. Desalniettemin, ondernamen we de volgende dag als eerste een reisje naar Firenze, omdat dat gewoonweg al langer op de planning stond. Als prettige aanvulling op ons duo, vroeg ik Joran en Jernej, een Waalse en Sloveense Erasmusvriend, ook mee te gaan, hun reisje de week ervoor was tenslotte niet door gegaan.

Al direct in de trein ontstond de eerste scherzo, zoals de Italianen dat zo mooi verwoorden, toen we de eerste van vele tunnels doorkruisten. De coupé, de tunnels, eigenlijk de gehele situatie, deden Joran gevaarlijk veel denken aan een bepaalde scène in de legendarische Amerikaanse tienercomedy Eurotrip. Om niet teveel van de grap te verklappen kan ik iedereen het best doorverwijzen naar Youtube: http://www.youtube.com/watch?v=1onEGG7HWJk&feature=related . De grote vraag werd uiteraard, wie het eerste slachtoffer zou zijn na de volgende tunnel…
Firenze was de tweede keer even schitterend als twee weken ervoor. Ditmaal was de Galleria dell’Accademia aan de beurt en de grandioze David, met ook een even imposante expositie over de fotograaf Robert Mapplethorpe, die ons het menselijk lichaam van een heel ander perspectief liet zien. Het meest interessante aspect van de dag waren echter de drie mannen met wie ik op stap was, die, fotogeniek als ze waren, van Firenze weer een heel andere stad maakten. Zo blijkt, de Italiaanse steden blijven altijd hetzelfde en op dezelfde plek, groots en antiek in hun zijn, het is het gezelschap dat een stad als Firenze iedere keer weer een geheel andere dimensie geeft.

Na een zondag aan ijsjes eten, torens beklimmen en traditioneel hangen op Piazza Verdi, vertrok Tijmen maandagochtend verder richting het Zuiden om vrienden op te zoeken in Perugia en Rome. Op eenzelfde ironische wijze als onze ontmoeting in Bologna, zagen we elkaar slechts vier dagen later weer in Nederland, toen ik voor een weekendje terug was, precíes een maand na mijn vertrek.

 
0 reactie(s)

Una settimana particolare
posted by Bart on 2009-10-26 00:49:23
 
Terug kijkende is de eerste week Bologna zonder twijfel de meest beweeglijke geweest tot nu toe. Bepakt en bezakt kwamen ‘mammamia’ Rietje en ik na een hevige roadtrip aan op onze eindbestemming. Onze goede moed werd alleen maar versterkt na onze eerste ontdekkingen in de oude binnenstad, een heerlijke maaltijd in een pittoreske trattoria en containers vol kameraanbiedingen. Helaas werden onze goede verwachtingen in de twee dagen erna bekoeld met slechte berichten; óf men wilde mij geen kamer verhuren voor slechts 4 maanden; óf ik zou geen visite mogen ontvangen, lastige zaak aangezien velen al een vliegticket geboekt hadden en mijn eerste logee reeds naast mij stond. ’s Avonds dronken we onze teleurstellingen echter weg met opmerkelijk smaakvolle wijn van 1,50 euro per liter en stelden we een toeristisch plan op voor de volgende dagen om de smert uit het hoofd te zetten.

Ferrara, een klein middeleeuws stadje op 50 km van Bologna, bracht het fijne Italiaanse gevoel weer terug in ons hoofd. Hoewel we slechts enkele uren doorbrachten in het stadje, bewees het ons dat iedere stad in Italië haar eigen bijzondere plekken heeft. Het grote plein van Ferrara glansde in de avondzon en de vele diverse bouwstijlen verwezen ons naar de lange geschiedenis van de stad. Ravenna op haar beurt imponeerde ons de volgende dag met verbazingwekkende mozaïeken, verspreid over vier basilieken, waaronder een paar op de UNESCO-lijst. De stenen wegen en massieve gebouwen deden me denken aan een museumstad, hoewel net als Bologna bewoond door veel studenten. Om iedere nieuwe straathoek verscheen een nieuw te aanschouwen wereldwonder, waardoor we erg voldaan ’s avonds weer naar het drukke levendige Bolognese straatleven terugkeerden.

Vanaf dat moment zou alles goed komen. De volgende dag vond ik een kamer uit een afspraak met een internationaal kamerbemiddelingsbureau en ontmoette ik toekomstig goede vrienden op een eerste Erasmus bijeenkomst. We richtten mijn nieuwe kamer in vanuit de Italiaanse Ikea, die geen spat verschilt met de Nederlandse en vulden de koelkast alvast met de nodige voorraad.
Zaterdag, inmiddels vijf dagen verstreken na aankomst en al geslaagd in de opzet, vertrokken we naar Firenze om er nóg een dag de toerist uit te hangen. De Eurostar bleek niet het goedkoopste reismiddel te zijn, de Florentijnse beloning des te zoet. We wandelden door de tuinen van Boboli en boksten onze weg langs de toeristische massa op de Ponte Vecchio. De grootste verrassing kregen we ’s avonds, toen we vlak voor sluitingstijd gratis nog de Uffizi binnen mochten sneaken en de grote werken van de renaissance konden bekijken, waaronder Marah’s rugtattoo (!).

Maandagmiddag, na een week van Italië te hebben kunnen genieten met mijn mammamia, vertrok ze terug naar Nederland om me officieel alleen te laten. Voor een rood stoplicht namen we afscheid, een kus, ik stapte uit en ze reed de hoek om. Maar oh, wat was ik blij dat ze er geweest was, tijdens die eerste hektische week.

 
1 reactie(s)

Basta che funziona
posted by Bart on 2009-10-22 20:54:00
 
'Je mi perd between quattro talen' (Lamisse, Joran, Facebook, 14-10-2009)

Er bestaat geen betere manier dit bovenstaande om de linguïstische chaos in mijn brein beter te omschrijven. Terwijl Joran als Franstalig Luikenaar nog een taal méér produceert dan ik, raak ook ik iedere dag verstrengelt in mijn vocabulaire. Met mijn Nederlandse studiegenootje Ingrid spreek ik Nederlands, als bijvoorbeeld Française Lola of Colombiaanse Maria-Alessandra aanschuift Italiaans. Lastig wordt het, wanneer je lange gesprekken voert of uit bent met een groep. Dan wordt er meestal vanzelf overgestapt op Engels, simpelweg om de gesprekken in leven te houden. Ingrid is (gelukkig) dan ook de énige met wie ik Nederlands converseer, aangezien zelfs de Belgen tegen me beginnen in het Engels. Het Nederlandse ‘je’ en ‘jij’ wordt door Vlamingen te informeel bevonden, daarom krijg ik nu bijlessen Vlaams, kan ik toch nog één extra taal op mijn lijstje zetten. Opmerkelijk is hoe Waal Joran en Vlaming Jan onderling Engels spreken, ondanks dat ze dezelfde nationaliteit bezitten. ‘Ook als ze elkaar in Brussel tegenkomen’, menen ze. Over taalverwarring gesproken…

Overigens meen ik dat ík niet degene ben met een taalprobleem, maar het grootste deel van de Italiaanse bevolking. Alles is Italiaans, niets is vertaald, van de reclameborden tot de tekst op verpakkingen tot films op televisie! Geen New Yorker sprak meer Engels, toen ik Woody Allens nieuwste film ‘Basta che funziona’, oftewel ‘Whatever Works’, in de bioscoop ging kijken, evenals de dokters van ‘Grey’s Anatomy’ op TV. Goed om mijn Italiaans te oefenen, dacht ik allereerst. Nu ik echter vandaag in college een fragment van de Amerikaanse televisieserie ‘24’ in het Italiaans heb moeten bekijken, ondanks het gestandaardiseerde Engels van de DVD (de professor deed er vijf minuten over om slechts de taal in te stellen), brak toch echt mijn klomp. Mijn realisatie is dat Italianen er niets aan kunnen doen dat ze geen Engels kunnen, de taal wordt ze gewoonweg onthouden.

Al met al bereikte mijn linguïstische verwarring zijn hoogtepunt toen ik na drie weken leven in een internationale stad als Bologna in het vliegtuig stapte om voor het weekend af te reizen naar Nederland voor het 25-jarig huwelijk van Joke en Kees, de ouders van Bart. Direct in het vliegtuig al kreeg ik angstige blikken van een man toen ik hem heel simpel vroeg ‘posso sedere qui?’ Oh ja, ik ben zojuist no-man’s land ingestapt, hier praat men geen Italiaans. Vervolgens was ik, samen met mijn chauffeur, redelijk verbaasd toen er Duits uit mijn mond vloeide in Weeze. Of het nu grammaticaal goed was of niet, het was in ieder geval meer dan het Nederlandse echtpaar naast me.

Eenmaal terug in Bologna realiseerde ik me, mede dankzij mijn korte reis naar het veilige Nederland, dat ik al aardig gewend ben in Italië. Ik schrik al niet meer als iemand me aanspreekt bij de busstop, ik ken het centrum al aardig uit m’n hoofd en ook de woorden van mijn, nog steeds, snelsprekende professoren begrijp ik meer en meer. Deze week verstreek officieel mijn eerste maand Italië, en het lijkt al net alsof het altijd zo geweest is.

 
0 reactie(s)

Il viaggio
posted by Bart on 2009-10-19 10:06:53
 
De eerste etappe

18 september was een dag waar ik al lang naar had uitgekeken, de gehele zomer lang. In haar kleine Citroën C1 zouden wij, mijn moeder en ik, deze dag beginnen aan een klein weekje weg, tegelijkertijd mijn afreis naar Bologna. Het plan was roadtrippend Italië te bereiken, met twee ingeplande tussenstops op voorbedachte overnachtingsplekken; het nieuwe onderkomen en ‘hotel/hut’ van mijn oom en tante; en onze oude vertrouwde vakantieplek in Süd-Tirol.

Na het afscheidsfeest, of ‘ding’ zoals ik het zelf noemde op de 16de, het inpakken op de 17de en de eerste etappe naar Zevenaar, vertrokken we na een moeilijk afscheid van Bart richting Maastricht. Een goede kop koffie en nieuwe richtingaanwijzingen van Machiel en Sanne, mijn broer en zijn vriendin, bracht ons goede moed om onze reis voort te zetten richting het zuiden. Via Luxemburg en Metz staken we bij Strassbourg de allereerste maal de Rijn over en op deze manier ook de grens met Duitsland. Voor de tweede keer die dag nam ik plaats achter het stuur, nog steeds lichtelijk onder invloed van adrenaline van slechts een maand in het bezit van een rijbewijs, en reed ik ons na de afslag bij Freiburg het Zwarte Woud in. De slingerende wegen brachten ons hoger en hoger tot letterlijk het einde van de weg bij Jägerheim, een grote hut hoog in de bergen verstopt en verhuld in een dikke mist. Het warme welkom en de enorme gastvrijheid van Leni en Roland, mijn oom en tante, waren voor ons het perfecte einde van een eerste dag, beter hadden we het niet kunnen krijgen.

Vroeg op de tweede dag namen we afscheid om onze reis voort te zetten langs de Bodensee richting het oosten. De Alpen doemden zich voor ons op en mijn tweede uitdaging achter het stuur vond ik op de Fernpass, onze officiële toegangsweg tot Oostenrijk. Na Innsbrück kwamen de eerste Andrea Bocelli-tonen uit de autospeakers die ons voorbereidden op de grande entrance van Italië, in werkelijkheid Duitser dan gedacht. Na bijna 1000 km in twee dagen, met gemiddeld 120 km p/u, want harder kan hij niet, namen we de oude vertrouwde afslag het Villnöss dal in, al zeven lange jaren niet meer binnengetreden. De wegen waren nog vorsichtsloser dan de dag ervoor, de beloning even zoet: een welkom thuis van Erika Psaier, onze gastvrouw, in haar huis in St. Peter waar we zoveel jaren terug zoveel jaren achtereen kwamen. En er was niets veranderd…
De volgende dag wandelden we omhoog naar het Geislergebergte, inmiddels trots op de UNESCO-lijst, aten we verse Schwarzwaldertorte hoog op een alm en klauterden we voort over de Adolf Münkelweg. Hoogtepunt van de tocht waren mijn moeders oude bergschoenen, door mij geleend, die het halverwege de dag begaven zodat ik zonder zolen verder moest, gelukkig geheel pijnloos.

De vierde dag reden we het Italische schiereiland eindelijk binnen, met Bologna als afsluiting van de eerste etappe. De nog steeds warme zon lachte ons toe, in tegenstelling tot de als altijd brutale Italianen die arrabiata ons slome Nederlanders uittoeterden. Wij waren alleen maar blij dat we na twee uur dwalen door de periferie van Bologna eindelijk ons hotel hadden gevonden. Toen ik me op mijn hotelbed liet vallen en de opgepompte dames van Rai me toe liet schateren wist ik dat ik gearriveerd was. Erasmus kon eindelijk beginnen.

 
0 reactie(s)

La dolce vita
posted by Katrien on 2009-10-14 22:37:04
 
Maandag 12 oktober… Drie weken zijn officieel verstreken sinds mijn eerste stappen in deze nieuwe stad, en voor de eerste keer komt de regen met bakken uit de hemel vallen. Een goed tijdstip om te beginnen aan mijn allereerste woorden over Bologna.

Mi piace Erasmus. Iedere dag word ik wakker in een nieuwe wereld, met geen idee hoe ik dezelfde dag zal eindigen, hoeveel talen ik in totaal gesproken zal hebben (meestal drie) en hoeveel nationaliteiten ik in Amsterdam zal hebben uitgenodigd (meestal minstens 5).
De Via Zamboni is vanwege haar status als universiteitsbuurt dé jongerenplek van Bologna. Overdag vindt men de studenten in de collegezalen en op de kleine terrasjes voor een espresso, de lange overdekte galerij die de straat kenmerkt is leeg, Piazza Verdi geordend en schoongeveegd. Vervolgens in de avond, komt heel studerend Bologna uit zijn schuilplaats om met supermarktbier of een fles wijn ieder gaatje van Piazza Verdi op te vullen. Het uitgaansleven is zelfs in oktober nog een leven van de straat, waar politie bepaalde pleinen toekent voor openbaar drankgebruik. Want ook zij weten, een biertje in een bar kost al snel vijf euro.

Mi piace l’università. De eerste indruk is een goedgeregelde bureaucratische stroomversnelling, wat bijzonder is in het kleine dorp dat een universiteit heet. Na een eerste week aan vakken, kan ik zeggen dat diep verborgen in de oudste uni van Europa, de chaotische Italiaanse cultuur zegenviert, zoals we die allemaal kennen. Een eerste vak viel uit de gehele eerste week, omdat mijn professor indisponibile (onbeschikbaar) was, van de andere twee vakken kwam mijn docent gemiddeld een kwartier te laat. Papers kennen geen inleverdatum, geen strict aantal woorden, je bent vrij in het kiezen van je onderwerp, anarchie! Powerpoint is een scheldwoord, lesinhoud een raadsel voor zelfs mijn Italiaanse buren. Notabene: ik ben een bachelorstudent die mastervakken volgt met Italiaans als voertaal… Al met al ken ik de onderwerpen van mijn vakken: Italiaanse politieke cinema uit de jaren ’60 en ’70, serialiteit in film en televisie en semiotica. Dat moet al enige credits waard zijn!

Mi piace La via della barca, oftewel ‘de weg van de boot’, de straat waaraan ik woon. Twintig minuten buiten het centrum, maar nog steeds diep in de drukke stad deel ik met vier andere Erasmus-studentes een pittoresk appartementje boven een kapper en een pizzeria. Zoals gehoopt spreken we de gehele dag door Italiaans met elkaar, wat uiteraard van de meest gemakkelijk soort is. ‘Buongiorno! Come stai oggi?’ ‘Bene, grazie. Che cosa fai adesso?’ ‘Vado al lezione’ ‘Ah. Ci vediamo!’

Amo Bologna, het oude centrum, de mensen, de heuvels eromheen, mijn bus 14, le due torri en de lekkere piadine tussen de lessen door. In deze stad ga ik me zeker de komende maanden vermaken. A presto!

 
6 reactie(s)